Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.

Beurden-Mannaerts, van: verschil tussen versies

(Gezinskaart)
Regel 52: Regel 52:
  
 
==Gezinskaart==
 
==Gezinskaart==
* [[Beurden, F. van (Gezinskaart)| Beurden, F. van]]
+
* [[Beurden, F. van (Gezinskaart)| Beurden, Francus van]]
  
* [[Beurden, A. van (Gezinskaart)| Beurden, A. van]]
+
* [[Beurden, A. van (Gezinskaart)| Beurden, Augustinus van]]
  
*[[Mannaerts, P.J. (Gezinskaart)|Mannaerts, P.J.]]
+
*[[Mannaerts, P.J. (Gezinskaart)| Mannaerts, Petrus Josephus]]
 +
 
 +
*[[Mannaerts, J.F. (Gezinskaart)| Mannaerts, Johannes Franciscus]]
  
*[[Mannaerts, J.F. (Gezinskaart)|Mannaerts, J.F.]]
 
 
==Opmerkingen==
 
==Opmerkingen==
  

Versie van 9 apr 2016 om 08:24

Deze fabriek wordt onderzocht door Klundert, Jacques van de

Beurden-Mannaerts, van
Verf en vernisfabriek Gebr. Lommen opgekocht door J.F. Mannaerts
Type bedrijf Wollenstoffenfabriek
Vestigingsadres Lijnsheike; Linschenhoek H 301
Datum oprichting J.F. Mannaerts kocht als schoenmaker, uit het faillisement in 1871 van Verf- en vernisfabriek Gebrs. Lommen, de fabriek.

Hier werden toen onder de naam v. Beurden-Mannaerts wollen stoffen geproduceerd tot 1890. Goirke sectie I: nr. 989; nr. 990; nr. 940; nr. 1493; nr. 1494.t (bron: zie archivalia)

Datum opheffing ca. 1890 begon Mannaerts hier met de productie van schoenen
Eigenaars / oprichters J.F. Mannaerts en J.F. Verhoeven

Algemene omschrijving

Wollenstoffenfabriek.

Uit de jaarverslagen Gemeente Tilburg 1880-1897 dd. 31-12-1887 pag. 63 blijken de volgende gegevens:

Aantal volwassen mannen: 38

Aantal volwassen vrouwen: 6

Aantal kinderen mannelijk: 4

Aantal kinderen vrouwelijk: 3

Aantal stoomwerktuigen: 1

Aantal stoomketels: 1

Aantal paardenkrachten: 20

Aantal verwarmingsopp. in vierkante meters: 31


Gezinskaart

Opmerkingen

Archivalia

bronvermelding inzake oprichting:

Uit tijdschrift Tilburg, jaargang 30 – 2012 – nr. 1 artikel “Over vernis, manufacturen en meel” door Rob van Putten. (pag. 4).