Spaandonk, Joseph Alphons Maria van
Geef de oorlog een gezicht!
Kun jij ons helpen met het schrijven van het levensverhaal van deze persoon?
Hoewel het meer dan 80 jaar geleden is dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog blijft het belangrijk de slachtoffers te herdenken. We willen door hun verhaal te vertellen de slachtoffers eren en de herinnering levend houden
Alle Tilburgse oorlogsslachtoffers zijn opgenomen in de Wiki Midden-Brabant en we streven er naar van ieder een levensbeschrijving en foto op te nemen.
Helaas hebben we van sommigen maar beperkte of soms helemaal geen informatie. We hebben jouw hulp nodig deze levensverhalen vast te leggen door ontbrekende informatie aan te vullen met verhalen of foto’s. We ontvangen je reactie graag via info@regionaalarchieftilburg.nl o.v.v. Wiki Oorlogsslachtoffers.
Spaandonk, Joseph Alphons Maria van (geb. Tilburg 06-03-1891, gest. Kangean (ID) 29-11-1943), onderluitenant bij de infanterie. Zoon van Arnoldus Hubertus van Spaandonk (1840-1926) en Wilhelmina Donders (1847-1907). In 1921 trouwt hij in Nederlands-Indië (Indonesië) met Paulina Utrecht (1901). Uit dit huwelijk worden zeven kinderen geboren. Van Spaandonk overlijdt op 29-11-1943 in de Javazee ter hoogte van het eiland Kangean (ID).
Inhoud
Achtergrond en jeugd
Joseph Alphons Maria van Spaandonk wordt geboren op 6 maart 1891 in Tilburg als zoon van wever Arnoldus Hubertus van Spaandonk en Wilhelmina Donders. Hij is de jongste van dertien kinderen. Het gezin woont in Tilburg in de Veldhoven en daarna op de Heikant.
Nederlands-Indië
In juli 1909 vertrekt Van Spaandonk naar het instructiebataljon in Kampen.[1]. Het bataljon leidt jongens tot achttien jaar op tot onderofficier voor het koloniale leger. Joseph tekent voor zes jaar bij het bataljon als soldaat. In 1909 wordt hij overgeplaatst naar het 6e Regiment Infanterie en wordt bevorderd tot korporaal en sergeant. In 1913 gaat hij over naar het 17e Regiment Infanterie. In juli 1915 tekent Van Spaandonk voor zes jaar bij de koloniale troepen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). Daarvoor ontvangt hij een premie van 400 gulden. In 1921 tekent Van Spaandonk voor vier jaar bij als sergeant-majoor instructeur van de infanterie. In de loop van de tijd zal hij meermaals opnieuw bijtekenen.
Van Spaandonk trouwt in 1921 in Nederlands-Indië met Paulina Utrecht. Zij is in 1901 geboren in Tjiawigebang op Java. Zij krijgen zeven kinderen, drie dochters en vier zonen.[2] Het echtpaar woont in 1922 in Malang (Java). In 1923 gaat Van Spaandonk met zijn gezin op verlof voor een aantal maanden naar Nederland, in 1926 wonen de Van Spaandonks in Taroetoeng (Noord-Sumatra) en in 1929 in Bondowoso (Java). Van Spaandonk is inmiddels adjudant onderofficier instructeur bij de infanterie. In september 1930 komt hij met zijn gezin vanuit Bondowoso aan in Rotterdam met de MS ‘Indrapoera’. Hij heeft opnieuw verlof. Het gezin woont tijdens het verlof op Heuvel 72 in Tilburg. In maart 1931 keert het gezin met de MS ‘Johan van Oldenbarnevelt’ terug naar Nederlands-Indië en vestigt zich in Malang. Daar wordt Van Spaandonk in november 1934 bij de infanterie benoemd tot onderluitenant; het gezin verhuist van Malang naar het garnizoen van Gombong, zijn nieuwe standplaats op Java. In oktober 1939 gaat hij op eigen verzoek met ontslag. Zijn standplaats op dat moment is het garnizoen van Poerworedjo (Java).[3]
| MS ‘Indrapoera’ | ||
| ||
| Bron: Stichting Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Heritage |
| MS ‘Johan van Oldenbarnevelt’ tijdens de Tweede Wereldoorlog | ||
| ||
| Bron: Stichting Maritiem-Historische Databank |
| Interneringskaart van Joseph van Spaandonk | ||
| ||
| Bron: Nationaal Archief 2.10.50.03 |
| Hell Ship ‘Suez Maru’ | ||
| ||
| Bron: telegraph.co.uk |
| Kaart met cirkels rond Ambon, Kangean eiland, Java, ca. 1930 | ||
| ||
| Bron: Vrije Universiteit Amsterdam (P. Noordhoff) |
| Onderzeeboot USS ‘Bonefish’ | ||
| ||
| Bron: On Eternal Patrol |
Japanse bezetting en krijgsgevangenen
Eind 1941 valt Japan de Amerikaanse marinebasis Pearl Harbor op Hawaï aan. Daarmee begint de oorlog in de Stille Zuidzee. In januari 1942 valt Japan Nederlands-Indië binnen. Op 8 maart 1942 capituleert Nederland. Nederlands-Indië komt onder Japans bewind. Militairen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) en de Koninklijke Marine worden door de Japanners krijgsgevangen gemaakt. Van de gevangengenomen Indonesische KNIL-militairen laten de Japanners een groot deel vrij. De 38.386 overige krijgsgevangenen zijn vrijwel allen van Nederlandse en Nederlands-Indische afkomst; 7552 van hen komen door hun gevangenschap om. Van de Koninklijke Marine zijn 3847 Nederlanders als krijgsgevangenen afgevoerd; 648 van hen komen te overlijden.[4]
Krijgsgevangenkampen in Nederlands-Indië en daarbuiten
Verspreid over Nederlands-Indië richt de Japanse bezetter krijgsgevangenkampen op. Dit gebeurt op Java, Sumatra, Molukken, Flores, Celebes en Borneo. De kampen zitten in uiteenlopende gebouwen zoals ziekenhuizen, loodsen, scholen en gevangenissen. Krijgsgevangenen komen ook elders in Oost-Azië in kampen terecht zoals in Japan, Malakka, Indochina, China, Korea, Birma en Thailand. Onder deze krijgsgevangen zijn behalve Nederlanders ook Britten, Amerikanen en Australiërs.[5]
Dwangarbeid
Vanaf het najaar van 1942 gebruiken de Japanners de krijgsgevangenen als arbeidskrachten. Ze moeten vliegvelden, wegen en spoorwegen aanleggen of in mijnen en op scheepswerven werken. Voor dit doel gaan de krijgsgevangenen op transport naar kampen die over Oost-Azië zijn verspreid. De werkdagen van de krijgsgevangenen zijn lang en hun leefomstandigheden zijn slecht. Het schaarse voedsel is van slechte kwaliteit. Gevangenen lijden aan tropische ziektes, worden mishandeld en terechtgesteld. Berucht is het werk aan twee spoorwegen. Het werk aan de Pakanbaroe-spoorweg tussen Pakanbaroe en Moearo op Sumatra leidt tot zo’n 700 doden onder de Nederlandse krijgsgevangenen. Bij de aanleg van de Birma-Siamspoorweg tussen Birma en Thailand komen ongeveer 3000 Nederlandse krijgsgevangenen om.[6]
Krijgsgevangene
Joseph van Spaandonk wordt op 9 maart 1942 door de Japanners op Java krijgsgevangen genomen. Hij is op dat moment onderluitenant bij het reservekorps in Malang. Daar komt hij terecht in een krijgsgevangenkamp. Vervolgens komt hij terecht in kampen in Batavia en Soerabaja. Uit de bronnen valt op te maken dat Joseph vanuit het krijgsgevangenkamp in Soerabaja in april 1943 naar de Molukken wordt getransporteerd, een eilandengroep in Nederlands-Indië. Daar wordt hij opgesloten op Ambon.[7]
Dood op zee
In november 1943 verzamelt de Japanse bezetter op Ambon honderden zieke krijgsgevangenen voor transport naar Java, die afkomstig zijn uit kampen op de Molukse eilanden. De krijgsgevangenen zijn tijdens de zware dwangarbeid en de slechte leefomstandigheden ernstig ziek geworden. Ongeveer 550 zieke krijgsgevangenen worden bijeengebracht voor het transport: bijna 140 Nederlanders en zo’n 410 Britten.[8] De Nederlandse krijgsgevangenen zijn eerder vanuit kampen in Soerabaja naar de Molukken verplaatst. Van Spaandonk is een van hen. Ook een aantal Japanse zieken gaat mee aan boord van het vrachtschip ‘Suez Maru’. Het schip is een van de transportschepen voor krijgsgevangenen die ‘hell ships’ worden genoemd vanwege de slechte omstandigheden voor de gevangenen. Het schip vertrekt op 25 november 1943 uit de haven van Ambon onder escorte van mijnenveger ‘W-12’. De bestemming is Soerabaja.
In de ochtend van 29 november ontdekt een Amerikaanse onderzeeboot de Suez Maru nabij het eiland Kangean aan de rand van de Javazee, op ongeveer 330 kilometer ten oosten van Soerabaja. De onderzeeër, USS ‘Bonefish’, vuurt torpedo’s af. De ‘Suez Maru’ wordt getroffen en begint te zinken. Van de krijgsgevangenen die in het ruim zijn opgesloten verdrinkt het merendeel. Mijnenveger ‘W-12’ weet honderden Japanse zieken en bemanningsleden op te pikken en raakt vol, waarna commandant Kawano Atsumu besluit geen krijgsgevangenen mee te nemen. De circa 200-250 krijgsgevangenen die aan verdrinking zijn ontsnapt, liggen al uren in het zeewater wanneer zij op bevel van Kawano Atsumu vanaf de mijnenveger worden beschoten met mitrailleurs en geweren. Geen enkele krijgsgevangene overleeft de aanval. Ook Joseph komt op 29 november 1943 om. Mijnenveger ‘W-12’ vaart vervolgens weg in de richting van Batavia.[9]
Gebeurtenis
Tilburgers omgekomen onder Japanse overheersing
Bronnen
Dit is een selectie van de gebruikte bronnen. In de noten staan alle gebruikte bronnen.
- Regionaal Archief Tilburg 565 Collectie documentatie Tilburg 1940-1945, map 237
- Indische Kamparchieven
- Japanse krijgsgevangenkampen
- Roll of Honour, Britain at War
- POW Research Network Japan
- Netwerk Oorlogsbronnen
- Delpher
Literatuur
- Gerrit Kobes en Ad de Beer, 'Het leven gebroken in het Verre Oosten. De geschiedenissen van de Tilburgers die om het leven kwamen in de strijd tegen Japan, als gevolg van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië (1941-1945), de Indonesische kwestie (1945-1949) en het conflict in Korea (1950-1953)', in: Tilburgse sprokkelingen. Bijdragen tot de Tilburgse geschiedenis Tilburg 2003 (THR 11)
- Herman Burgers, De garoeda en de ooievaar: Indonesië van kolonie tot nationale staat, Hoofdstuk V, Indonesië onder Japanse Bezetting, Brill 2010
- J.E. Ellemers en R.E.Vaillant, Indische Nederlanders en gerepatrieerden, Muiderberg Coutinho 1985;
- Loe de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, Deel 11b Hoofdstuk 8. Martinus Nijhoff, Den Haag 1969.
- Militaire Spectator jrg. 1995 nr. 8, jrg. 1998 nr. 3.
- Renske Krimp, De doden tellen. Slachtofferaantallen van de Tweede Wereldoorlog en sindsdien, Nationaal Comité 4 en 5 Mei, Amsterdam 2016, p.16.
- Lachlan Grant, They called them ‘Hellships’. Prisoners at sea faced an uncertain future, Wartime, no. 63, pp. 30-36, 2013.
Externe links
- Joseph Alphons Maria van Spaandonk op Oorlogsbronnen.nl
- Oorlogsgravenstichting, persoonsdossier van Joseph Alphons Maria van Spaandonk.
- Joseph van Spaandonk op Brabantse Gesneuvelden.
Noten
- ↑ Het instructiebataljon zit in de kazerne die later de naam ‘Van Heutszkazerne’ krijgt
- ↑ Mail met aanvullende informatie D. van Tuijl d.d. 18-03-2025
- ↑ Nationaal Archief 2.10.09 Administratie Indische Pensioenen 1815-1939; Nationaal Archief 2.10.50 Suppletiefolio's Oost-Indië; Stadsarchief Kampen 00002, inv. 1255 Instructiebataljon, J.A.M. van Spaandonk; Regionaal Archief Tilburg 918 Bevolkingsregister Tilburg 1921-1939 f10; roosjeroos.nl overlijden Malang 6.4.1944; koloniaalerfgoedtevoet.nl; canonvannederland.nl; Delpher, De locomotief 12.8.1930 en 10.8.1934; Delpher, Algemeen handelsblad voor Nederlandsch-Indië 13.8.1930; Delpher, De Sumatra post 2.4.1931; Delpher, Bataviaasch nieuwsblad 29.4.1939.
- ↑ oorlogsbronnen.nl; japansekrijgsgevangenkampen.nl; indischekamparchieven.nl; Militaire Spectator jrg. 1995 nr. 8 en jrg. 1998 nr. 3; Renske Krimp, De doden tellen. Slachtofferaantallen van de Tweede Wereldoorlog en sindsdien, Nationaal Comité 4 en 5 Mei, Amsterdam 2016.
- ↑ Loe de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, Deel 11b Hoofdstuk 8, Martinus Nijhoff, Den Haag 1969; indischekamparchieven.nl; japansekrijgsgevangenkampen.nl.
- ↑ J.E. Ellemers en R.E.Vaillant, Indische Nederlanders en gerepatrieerden, Muiderberg Coutinho 1985; Renske Krimp, De doden tellen. Slachtofferaantallen van de Tweede Wereldoorlog en sindsdien, Nationaal Comité 4 en 5 Mei, Amsterdam 2016; Herman Burgers, De garoeda en de ooievaar: Indonesië van kolonie tot nationale staat, Hoofdstuk V Indonesië onder Japanse Bezetting, Brill 2010; Loe de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, Deel 11b Hoofdstuk 8, Martinus Nijhoff, Den Haag 1969; oorlogsbronnen.nl; pekanbarudeathrailway.com.
- ↑ Nationaal Archief 2.10.50.03 Inventaris van het archief van de Stichting Administratie Indische Pensioenen (SAIP) Stamboekgegevens KNIL-militairen met Japanse Interneringskaarten 1942-1996, J.A.M. van Spaandonk; Brabantse Gesneuvelden J.A.M. van Spaandonk; powresearch.jp; japansekrijgsgevangenkampen.nl.
- ↑ De aantallen in de bronnen variëren enigszins.
- ↑ Nationaal Archief 2.10.50.03 Inventaris van het archief van de Stichting Administratie Indische Pensioenen (SAIP) Stamboekgegevens KNIL-militairen met Japanse Interneringskaarten 1942-1996, J.A.M. van Spaandonk; Regionaal Archief 565 map 237 J.A.M. van Spaandonk; Oorlogsbronnen J.A.M. van Spaandonk; Brabantse Gesneuvelden J.A.M. van Spaandonk; roll-of-honour.org.uk; japansekrijgsgevangenkampen.nl; combinedfleet.com; Lachlan Grant, They called them ‘Hellships’. Prisoners at sea faced an uncertain future, Wartime, no. 63, pp. 30-36, 2013; Kobes, Gerrit en Ad de Beer, 'Het leven gebroken in het Verre Oosten. De geschiedenissen van de Tilburgers die om het leven kwamen in de strijd tegen Japan, als gevolg van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië (1941-1945), de Indonesische kwestie (1945-1949) en het conflict in Korea (1950-1953)', in: Tilburgse sprokkelingen. Bijdragen tot de Tilburgse geschiedenis Tilburg, 2003 (THR 11).






