Jan Horsten

Na zijn studie aan de ambachtsschool werd Jan Horsten (Tilburg 1906 – Tilburg 1995) huisschilder en later kerkschilder. In de crisisjaren werd hij werkloos. Dat betekende voor hem een breuk met het roomse verleden en hij werd lid van de Communistische Partij Nederland (CPN). Bij de werkverschaffing van voor de Tweede Wereldoorlog en de Dienst Uitvoering Werken erna, deed hij de inspiratie op voor zijn roman De Vier Winden. In de oorlog legde hij mede de basis voor de Eenheids Vak Centrale, waarvan hij van 1948 tot 1955 districtsbestuurder was. Voor het vakbondsblad Werkend Nederland schreef Horsten artikelen en korte verhalen. Kort na 1952 stopte hij met het vakbondswerk, verliet uit onvrede de CPN en keerde terug naar het bedrijfsleven. De laatste jaren voor zijn pensioen werkte hij als uitvoerder in de bouw. Daarna ging Horsten weer schrijven. Onder het pseudoniem Jan van Tilburg schreef hij in 1952 De Vier Winden, dat hij in 1987 herschreef, nu onder zijn eigen naam. Alle partijpolitiek van dit destijds door de kerk geboycotte boek werd er uit gehaald. Horsten schreef de romans Bels Marieke (1961), onder het pseudoniem J. Conradi, en De stroper van het Mariënbos (1980). Hij liet al zijn boeken in Tilburg spelen. De ‘Prinsenbuurt’ in het laatste boek bijvoorbeeld, is de Koningswei. Horsten publiceerde in 1994 zijn laatste roman Een stad ontwaakt. Hij was de eerste Tilburgse arbeider-schrijver.