Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.

Het legerkamp bij Rijen

Verdwenen tentenstad op de hei

Wie nu op een mooie dag vanuit de Atalanta in Rijen het bos inwandelt, treft daar een eenzaam straatnaambordje met het opschrift Kampstraat aan. Eromheen niets dan bos. Of nee, ligt daar niet een stuk open heideveld? Het vergt heel wat voorstellingsvermogen om je op deze plaats een enorm legerkamp in te denken. Toch is dat precies waar het bospad zijn naam aan te danken heeft. In 1831 werden hier ruim 13.000 militairen gelegerd in een stad van linnen en heideplaggen, zo groot als het toenmalige Breda. Het kon niet anders of aan deze toeloop van soldaten in onze gemeente moest een ernstig conflict ten grondslag liggen.

Kamp bij Rijen, 1831. Door J.P. Houtman (Brabant Collectie, Tilburg University)

Hoe kwam er een legerkamp bij Rijen?

Hoe het zover kwam? Daarvoor moeten we terug naar de opstand van België in 1830; de wens van onze zuiderburen om zich af te scheiden van het Verenigde Koninkrijk der Nederlanden. De grote mogendheden, die eerder de vorming van het Verenigde Koninkrijk mogelijk hadden gemaakt, steunden nu dit onafhankelijkheidsstreven. Het ging niet zonder slag of stoot. Toenmalig koning Willem I verzette zich hevig en hij ging het militaire conflict aan. De koning koos het grensgebied van Noord-Brabant uit om zijn leger samen te brengen. Hij zag het gebied rondom Gilze en Rijen als een ideale uitvalsbasis voor een veldtocht, om zo de opstandige Belgen een lesje te leren en de grote mogendheden op andere gedachten te brengen.

Op 7 mei 1831 voegde Willem I de daad bij het woord. In een brief aan de burgemeester van Gilze en Rijen liet hij het militaire hoofdkwartier in Breda de komst van een legerkamp aankondigen. “Zijne koninklijke Hoogheid de Admiraal en Kolonel-Generaal kommandeerende het leger te velde, heeft bevolen, dat een kamp zoude worden uitgestoken en gereedgemaakt in de nabijheid van Reijen, gemeente Gilze”.

"Reijen van bij den Roomschen kerk", omstreeks 1790. Door Maas van Altena (Brabant Collectie, Tilburg University)

Waarom koos koning Willem I voor een groot legerkamp juist hier? Rijen was een heidedorp waar de tijd aan voorbij leek te zijn gegaan. Het ging hem dan ook niet om Rijen. Het was vooral het enorme heidegebied buiten het dorp waar hij zijn oog op liet vallen. Deze hei strekte zich uit tot aan Gilze, daar waar nu de militaire vliegbasis is. Het gebied was uitstekend geschikt voor het houden van legeroefeningen en manoeuvres.

Naast een kamp ook militairen in de dorpen

Het bleef tijdens de Belgische afscheiding niet bij een legerkamp, dat alleen in de zomermaanden voor training en oefening was bevolkt. De troepen van Willem I moesten gedurende het hele jaar ondergebracht worden. Zo nam bijna elk huishouden in de dorpen van de gemeente Gilze en Rijen in de jaren 1830-1839 militairen in huis.

"Gilse op den weg van Reijen over de moolen", omstreeks 1790. Door Maas van Altena (Brabant Collectie, Tilburg University)

De bevolking voorzag hen van onderdak en voedsel en de soldaten maakten vaak langere tijd deel uit van het gezin. De legerleiding koos vooral het grotere moederdorp Gilze voortdurend uit voor kantonnement (inkwartiering) van troepen. Waakzaamheid was juist daar geboden omdat alleen een uitgestrekte hei het dorp van vijandelijk gebied scheidde. Er werden vanuit Gilze voorposten ingericht en soldaten liepen er voortdurend wacht om aanvallen vanuit Belgische grensdorpen te voorkomen.


Van het legerkamp bij Rijen en de inkwartieringen in de gemeente is door Heemkring Molenheide een boek uitgegeven. Het is geschreven door Kees van der Heijden en heeft als titel: Verdwenen tentenstad op de hei. Militairen en bevolking in Gilze en Rijen bij de Belgische afscheiding 1830-1839. Het boek is verkrijgbaar via de webwinkel van de heemkring. Daarnaast is er een website ontwikkeld met veel informatie over het historische legerkamp: www.kamprijen.nl