De Leij

In 1530 komt de Nijwen Leije al voor, maar latere bronnen spreken van De Leij. De kaart van Diederik Zijnen (1760) heeft De Ley, de kadasterkaart van 1832 weer Nieuwe Leij. Officieel heet het riviertje zo, maar de meest gebruikte benaming is gewoon De Leij. Het is de belangrijkste stroom in Tilburg. De Leij ontstaat in de gemeente Goirle door de samenvloeiing van twee beken, de Poppelsche en de Rovertsche Leij, die beide ontspringen tussen Ravels en Weelde. Tussen Goirle en Berkel-Enschot stroomt De Leij door een honderden meters breed dal, met een dalbodem dat enkele meters dieper ligt dan de omgeving. Het was hier vroeger erg moerassig, er lagen veel poelen en plassen, waarin gevist werd en gezwommen, en waarop ’s winters kon worden geschaatst. Tot aan het eind van de negentiende eeuw werd De Leij nog gebruikt voor het spoelen van wol en het weken van schapevellen (Vuile Leij). Tijdens perioden met veel neerslag kwamen overstromingen in het Leijdal regelmatig voor, waardoor een honderden meters brede watervlakte kon ontstaan. Voor de aanleg van de Kempenbaan en de bouw van het Sint Elisabeth Ziekenhuis moesten gedeelten van De Leij worden omgeleid. De verlaten bedding is nog steeds op het ziekenhuisterrein aanwezig. Ten oosten van het Wilhelminakanaal stroomt De Leij door Moerenburg. Hier werd hij in 2011 weer deels van 'natuurlijke' kronkels voorzien. Vanaf de Kommerstraat tot de uitmonding van De Zwartrijt vormde De Leij vroeger de grens met Berkel-Enschot.