De Buunder

Op de plek waar in Moerenburg de Kommerstraat en de Koebrugseweg bij elkaar komen ligt een ven dat vanouds De Buunder of De Bunder wordt genoemd, maar op topografische kaarten Grollegat heet. Ook de kaart van Diederik Zijnen (1760) spreekt van Den Bunder. Dit ven heette in de middeleeuwen Calenwiel of Qualenwiel. In 1331 stond hier een watermolen. Mogelijk is De Buunder een voormalige molenvijver, die diende om de watermolen ook in tijden van droogte van water te kunnen voorzien. In de vijftiende eeuw bestond deze molen niet meer, want in een akte uit 1419 wordt gesproken van ‘de qualenwiel bij den ouden molendijck’. Door De Buunder liep vroeger een oude bedding van De Leij (Oude Leij), die verder oostwaarts in de De Leij uitmondde. Een deel hiervan bestaat nog. Op de weg naar Moergestel (verlengde Koebrugseweg) lag, op Berkels grondgebied, eeuwenlang een brug over deze oude Leijbedding, die de Bunderbrug of Baarsbrug werd genoemd. Ondanks protesten van de gemeente Tilburg werd deze brug in 1890 afgebroken en vervangen door een dam. Omdat de afsluiting leidde tot veel wateroverlast, mocht Tilburg in 1893 ter vervanging van de brug voor eigen rekening ijzeren afvoerbuizen in de weg leggen. Het ven wordt tegenwoordig gebruikt als visvijver.