Piet de Brouwer

Dr. Petrus (Piet) Cornelis de Brouwer (Hilvarenbeek 1874 - Tilburg 1961) werd in 1892 novice bij de Fraters van Tilburg, en werd in 1897 als frater M. Respicius de Brouwer tot priester gewijd. Tussen 1892 en 1939 woonde en werkte hij in Tilburg en daarna in Hilvarenbeek. Sinds 1900 was hij rector van het in 1899 opgerichte RK Gymnasium in Tilburg (Sint Odulphuslyceum). Hij bleef daar leraar klassieke talen tot zijn pensionering in 1939. Hij droeg bij aan de verhuizing van de RK Leergangen van Den Bosch naar Tilburg en aan de oprichting van de RK Handelshoogeschool (tegenwoordig Tilburg University). Van 1922 tot 1939 was hij censor van de RK Openbare Leeszaal (Openbare Bibliotheek Tilburg). De Brouwer promoveerde in 1911 te Utrecht cum laude tot doctor in de klassieke talen. Hij schreef onder meer de boeken Mijn redelijk schoon geloof (1912) en De Grieksche en Latijnsche Syntaxis, linguistisch, historisch en psychologisch belicht (1935). In de serie Letterkundige Bibliotheek voor Katholieken, bezorgd door de leeraren van het R.K. Gymnasium te Tilburg schreef hij enkele deeltjes over Vondel, Van Maerlant en Broere. De Brouwer publiceerde ook vele artikelen in tijdschriften als Wij, Roeping, Brabantia Nostra, Edele Brabant en de Tilburgse studentenbladen De Dijk en Viking. In 1937 werd bij gelegenheid van zijn 40-jarig priesterjubileum het Monument van O.L. Vrouw ter Baan aan de Ringbaan-Zuid opgericht. Bij gelegenheid van zijn 50-jarig priesterfeest in 1947 werden artikelen van hem gebundeld uitgegeven in De Brabantse Ziel. In 1947 schreef De Brouwer De geschiedenis van Hilvarenbeek tot 1813. Ook in Hilvarenbeek werd een monument voor hem opgericht.