Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.

Bombardement Tilburg, omgeving Wilhelminapark

Bombardement omgeving Wilhelminapark

Op woensdag 21 februari 1945 even na half 12 wordt het noordelijk deel van Tilburg getroffen door zo’n 30 brisantbommen. De bommen vallen in de Hoefakkerstraat, Dr. Mollerstraat, Wilhelminapark, Kuiperstraat, Coeck van Aelststraat, Cornelis de Vriendtstraat en Vredeman de Vriesstraat. Omdat er die ochtend een zware mist hangt boven Tilburg ziet niemand het Duitse vliegtuig aankomen. Volgens het rapport van de luchtbeschermingsdienst Tilburg van maart 1945, vallen er in het totaal 11 doden en 19 zwaargewonden. Een Engels rapport spreekt daarnaast over 100 lichtgewonden. In het boek ‘Het leven gebroken’ van De Beer en Kobes worden 17 slachtoffers genoemd, die stierven door het bombardement. Onder de slachtoffers waren veel kinderen, die op dat moment met Engelse militairen aan het spelen waren op een speelveldje. De Engelse autoriteiten hebben nooit bekend gemaakt of en hoeveel Engelse slachtoffers er waren.

Verslag bombardement Wilhelminapark.jpg
Verslag Engelsen bombardement Wilhelminapark.jpg







Ooggetuigen

Miet Schijns vermeldt in haar dagboek dat er 10 dodelijke slachtoffers zouden zijn onder militairen. Zij beschrijft op 21 februari 1945 hoe zij de aanval beleefde in haar dagboek:

“Vandaag hebben we de oorlogsellende weer eens van dichtbij meegemaakt. ’t Was goed half twaalf, mistig weer met laag hangende wolken, toen ik een vliegtuig hoorde overkomen en vlak daarop een heftig gedonder, alsof ’t huis inviel, een paar seconden stil, dan weer een heidens lawaai. Zo gauw het stil was liep ik eerst langs achter naar buiten, maar daar zag ik niets, wel hoorde ik gillen en kermen. Toen naar de straat, hier voor de deur stond een man, die z’n jas kapot geschoten was, maar hij was blijkbaar niet gewond en ging verder. Een eindje verder bij Noudje Eras [1] lag een stervende vrouw en aan de overkant een gewonde man, die nog overeind probeerde te komen maar niet kon, nog een man met een bloedend hoofd en dan kinderen die gillend en schreiend wegvluchten. Ik ben er direkt naar toe gegaan of ik soms helpen kon, maar er waren heel vlug soldaten met brancards (een post van ’t Rode Kruis ligt bij de Verlaten Kinderen) en de Pastoor bediende nog de stervende vrouw. En dan lag het er weer vol puin en glas. Dat vliegtuig had een raketbom uitgeworpen en een 20 tal splinterbommetjes waren hier neergekomen. In de Coeck v Aalst, de Cornelis de Vriendt en de Vredeman de Vriesstraat was de ellende nog veel groter. Vandaar kwam dat gekerm en gegil, daar zijn ook de bommen op straat waar heel veel militairen aan hun wagens bezig waren en in de huizen gevallen en ontploft. In het geheel zijn er 12 dode burgers en 10 militairen en heel veel gewonden. ’t Verkeer werd hier stilgelegd en alleen de ambulances reden de een na de ander volgeladen weg. (…)

Hier tegenover ’t sigarenwinkeltje ligt, dik onder de zandzakken nog een onontplofte bom, een tegenover Janssen v Baal ontplofte en maakte slachtoffers. Bij v Gestel de electricien kregen ze er een door ’t huis die veel schade deed maar onontploft op de plaats neerkwam. Een kwam er terecht achter de tuin van de Beer en een in de fabriek van Pessers v Zuylen en de rest in die drie zijstraten. Een verdwaalde kwam neer in de Schaepmanstraat waar ook twee slachtoffers zijn.”

Twee andere ooggetuigen vertellen in februari 2020 hun verhaal in Het Brabants Dagblad. Één van hen vertelt over de drie (in plaats van twee) jonge slachtoffers op het Schaepmanplein. De drie waren vriendjes die daar aan het voetballen waren. Het artikel vertelt, dat vermoedelijk tientallen geallieerde voertuigen doelwit waren van de aanval en eveneens vermoedelijk, dat de Duitsers werden ingeseind door iemand die zich in de Goirkestraat in een kelder ophield.

Begrafenis

Het dagboek van Miet Schijns vermeldt dat de slachtoffers op 26 februari 1945 werden begraven. De dag daarvoor was de avondwake, waarover Schijns vermeldt: “Ik was om 6 uur gaan bidden voor de slachtoffers van de oorlogsramp van Woensdag, een hele rij kisten stond voor in de kerk opgebaard. ’t Was drukker in de kerk dan ’s morgens in de Missen. Gisteren was er Engelenmis voor een kindje van 3 en een van 5 jaar."

Slachtoffers

Bronnen en literatuur

Regionaal Archief Tilburg,

Ad de Beer en Gerrit Kobes, Het leven gebroken. De geschiedenissen van de Tilburgers die als gevolg van de strijd tegen Duitsland en de bezetting van Nederland om het leven kwamen, Tilburgse Bronnenreeks 4 (Tilburg 2002), p. 154 – 157

Artikel Brabants Dagblad 21-02-2020

Noten

  1. Arnoldus Quirinus Maria Eras, Wilhelminapark 31